maandag 12 februari 2018

Shannon & the Clams – 'Onion': hartverscheurend

Onder invloed van een bijzonder dramatische gebeurtenis is Shannon & the Clams' vijfde thematisch erg zwaarbeladen uitgedraaid. Eind 2016 ging een tot gemeenschapshuis voor kunstenaars allerhande omgebouwd en tot Ghost Ship omgedoopt pakhuis in Oakland – een soort vrijhaven waar de bandleden kind aan huis waren – in vlammen op waarbij zesendertig bewoners en bezoekers het leven lieten. Dit kerfde uiteraard diepe wonden in de ziel van Shannon Shaw & co en heeft aldus een niet geringe invloed uitgeoefend op 'Onion'.


Op deze langspeler grossiert de band natuurgetrouw in de hun kenmerkende, hedendaagse indiebenadering van oldies pop, waar ze onder meer de groove, de rond reverb en echo gecentreerde sound en de overvloedige arrangementen met vaak in effect verdrinkende backingharmonieën van recycleren. Het helpt natuurlijk dat frontduo Shaw en Cody Blanchard beiden vocaal moeiteloos kunnen terugvallen op zowel de emotionele rasp als op de melancholische snik zoals je die bij pakweg Del Shannon, The Marvelettes of The Everly Brothers ook kan tegen komen.

Onion opent spitant met in het openingstrio al meteen de twee vooruitgeschoven singles 'The Boy' en 'Backstreets' waarop Blanchard accuraat een beeld van binnenuit schetst van het type Ghost Ship-bezoeker. Vaagweg Harry Belafonte in herinnering brengend, krijgen 'If You Could Know' en 'I Never Wanted Love' vervolgens een licht Caraïbische toets mee door respectievelijk de swingende zanglijn en het door de bas aangegeven zwierige ritme, een feel die even later ook op de titelsong nog eens komt aanwaaien.

Dan is het met 'Did You Love Me?' tijd voor de tegelplakker van dienst, waarna op het eerdere, vinnigere elan wordt vedergegaan, bij momenten (bv. 'I Leave Again') zelfs door er een authentiek westernmotief tegenaan te gooien. Zo gaat het Californische kwartet in rechte lijn richting hartverscheurend slotakkoord waar eerst Blanchard ('Strange Wind') en dan Shaw ('Don't Close Your Eyes') elk op zijn/haar eigen manier nog een laatste keer terug komt op de dramatische feiten die hen duidelijk ten zeerste hebben aangegrepen.

Op die manier leveren Shannon & the Clams met 'Onion' hun meest indringende en waarschijnlijk tevens beste werkstuk totnogtoe af. Tijdens het beluisteren is het schier onmogelijk er onberoerd door te blijven.

https://www.facebook.com/Over-from-underground-1466055173714208/

vrijdag 26 januari 2018

Mozes and the Firstborn – 'Cassette Club EP': levendig en catchy

Om de oprichting van de Mozes Cassette Club aan te kondigen bracht Mozes and the Firstborn zopas een gelijknamige, vier nummers tellende ep uit via Soundcloud. Als lid van de club krijg je voor de som van 50 euro (plus verzendkosten) tussen maart en september maandelijks een cassette opgestuurd met daarop steevast in primeur een nieuwe single, onuitgegeven demomateriaal en wat duiding bij de songs. Naar verluidt zijn de plaatsen beperkt. Snel zijn is dus de boodschap, zeker als je ook kans wil maken op nog een (gratis) ticket voor hun reeds enige tijd uitverkochte show in Utrecht van volgende week.


Met zodus op zijn minst zeven singles in het verschiet belooft het weer een erg productief jaar te worden voor het Eindhovense kwartet. En nu is er dus alvast die eerste ep. Vanaf de over liefdesperikelen handelende opener 'By N By' waarvan het bruggetje opgeleukt werd met reciterende vocalen van Kelsey Reckling, zijn het hoofdzakelijk jaren 60 en jaren 90-invloeden die om de bovenhand strijden. In de productie is een prominente rol weggelegd voor de statig pulserende ritmesectie en de instant meeslepende leadstem terwijl een rauwe gitaarsound hier iets onder zijn verschroeiende werk doet. Opmerkelijk is de aan Thin Lizzy refererende twin guitarsfeel op het luchtige 'Beer Commercial Music' dat verder drijft op een door de koffiemangel gehaalde rock-'n-rollriff. De ep klinkt in zijn geheel catchy, levendig en ongedwongen. Op die manier is Mozes and the Firstborn het nieuwe jaar alvast goed begonnen.

Mozes and the Firstborn live aan het werk zien kan binnenkort onder meer in Amsterdam (26.01, Van Gogh Museum, akoestisch), Utrecht (31.01, ACU, uitverkocht), Kootwijk (04.02, Grasnapolsky Festival), Nijmegen (31.03, Merleyn) en Rotterdam (07.04, V11).

https://www.facebook.com/Over-from-underground-1466055173714208/

dinsdag 23 januari 2018

Slow Bear – 'Fucking Off': avontuurlijk en doorleefd

Ondanks dat hij nog steeds in zijn uppie acteert, weet Slow Bear op tweede langspeler 'Fucking Off' een waar bandgevoel op te wekken, onder meer door middel van een resem gitaarlagen, een sporadisch opduikende bas, heel wat backing vocals en een door doorgedreven percussie aangedreven snedige kadans.


Het zwierig stompende 'Porno Jack' zet meteen de toon voor het eerste deel van de plaat dat misschien wel zijn culminatiepunt vindt in de psychedelische garagerock van de reeds eerder als single verschenen titelsong. In een karaktervolle productie die niet altijd meteen duidelijk maakt op welke manier de analoge beats tot stand kwamen – zorgt het voortstuwende ritme voor behoorlijk veel schwung in de albumaanhef.

Het kantelpunt ligt vervolgens in het tegelijkertijd bezwerende en erg beklijvende 'Spirit Broken (I Fixed it)' waarop vederlichte pianotoetsen en fuzzy gitaarpartijen met elkaar in een lang uitgesponnen, meeslepende, af- en aanzwellende dialoog treden. Te beginnen met de breekbare pianoballade 'As Far As My Mind Drifts' wordt de sfeer hierna voor even wat ingetogener, en gaat de Leuvenaar min of meer verder waar debuut 'Pale Morning Fades' ophield. Met onder meer het lofi-rockerige 'Drowned' werkt hij zo toe naar afsluiter 'Quarter of a Story' dat met zijn hooky mondharmonicamotief Slow Bears liefde voor jaren 60-folk alsnog expliciet in de verf zet.

Ook op 'Fucking Off' blijft Slow Bear ver weg van de in americana en rootsmuziek vaak platgetreden paden; hij zoekt integendeel een avontuurlijker pad in onherbergzamer gebied. Het album klinkt bijgevolg edgy, doorleefd en uit noodzaak ontstaan.


Slow Bear live aan het werk zien kan binnenkort onder andere in Hasselt (16.02, Café Finix).


donderdag 11 januari 2018

Andy Bollen – 'Nirvana. A Tour Diary': uniek ooggetuigenverslag

Andy Bollen kon zich slechts enkele maanden drummer van Captain America noemen, al speelde zich in die korte tijdspanne wel net het interessantste en opwindendste stuk van de historie van de band rond Eugene Kelly (die ongeveer een jaar eerder Kurt Cobains zowat favoriete band The Vaselines opdoekte) af, namelijk hun rol als voorprogramma tijdens het Britse luik van Nirvana's Europese tour eind 1991. Doordat Bollen – hoewel fervent muziekliefhebber – indertijd al eerder een carrière als (journalistiek en comedy) schrijver ambieerde dan één als muzikant, was hij niet alleen nagenoeg constant bezig alles wat op zijn pad kwam ten gronde te analyseren, maar hield hij tevens minutieus een dagboek bij over het hele gebeuren. Hier puurde hij ruim twintig jaar na de feiten alsnog een boek uit.


Voor het maken van de originele aantekeningen zocht Bollen, te midden de chaos van de uit hun voegen barstende concerten (het is precies het moment waarop 'Smells Like Teen Spirit op haast surrealistische wijze zijn weg naar het grote publiek vindt), de rustigste plek voorhanden op, en die bleek bizar genoeg steevast de backstageruimte van Nirvana, waar Cobain zich eveneens had teruggetrokken hetzij met hetzelfde doel hetzij om te slapen. Aldus kwam ND, zoals Cobain de auteur pleegde te noemen, in contact met het grunge-icoon in wording op het soort onbewaakte momenten waarop geen enkele interviewer hem ooit te zien kreeg. Ergens voelt de auteur zich zelfs schuldig dat hij toen al met journalistieke aspiraties zat en probeert hij voor zichzelf goed te praten dat hij geen spion was en al zeker niet met voorbedachte rade handelde. In het boek excuseert hij zich zelfs letterlijk bij Dave Grohl en Krist Novoselic, voor het geval ze dit niet vinden kunnen.

De documentaire is anecdotisch, fragmentarisch, bestaat uit uiterst interessante bespiegelingen (geregeld met in hindsight kennis in het licht van wat later te gebeuren staat), herinneringen en analyses en leest, geordend in hoofdstukken naargelang de opeenvolgende optredens, als een trein. Beschrijft Bollen sommige situaties overduidelijk als een komiek, neemt meestentijds zijn journalistieke aard toch de overhand. De schrijver uit Airdrie (Schotland) is immers aan één stuk door in gedachten op zoek naar de onderliggende grond van al wat hij ziet en hoort; of het nu gaat om songstructuren, het waarom van het succes van Nirvana, de opbouw van een review of de dynamiek in de relatie tussen Cobain, Novoselic en Grohl.

Als ooggetuige weet hij bij elke situatie een context te schetsen die het in de media opgehangen beeld van de Nirvana de ene keer in een ander daglicht stellen en de andere keer wat bijkleuren. Daarnaast kan Andy Bollen als geen ander de sfeer weergeven die rond het alternatieve muziekgebeuren in het begin van de jaren 90 hing en geeft hij een unieke inkijk in de dagdagelijkse beslommeringen van toerende indiebands. Terwijl 'Nirvana. A Tour Diary' sowieso gefundenes fressen is voor elke grote Nirvana-fan, zal het daarnaast ook elke andere muziekliefhebber in hoge mate weten te boeien.


donderdag 21 december 2017

Eindejaarslijstje 2017




Albums (alfabetisch)

Chastity Belt – 'I Used To Spend So Much Time Alone'
Cherry Glazerr – 'Apocalipstick'
Crystal Fairy – 'Crystal Fairy'
Firefang – 'Firefang'
Mark Lanegan – 'Gargoyle'
Matthew Melton – 'Night Life'
John Murry – 'A Short History of Decay'
Protomartyr – 'Relatives In Descent'
R. Ring – 'Ignite the Rest'
Will Sprott – 'Ten Fingers'
Together Pangea – 'Bulls and Roosters'
Warm Soda – 'I Don't Wanna Grow Up'
Who Is She? – 'Seattle Gossip'


Songs (die niet op bovengenoemde albums staan)

Bleached – 'Can You Deal?'
The Breeders – 'Wait in the Car'
The Coathangers – 'Captain's Dead'
Daddy Issues – 'Boys of Summer'
L.A. Witch – 'Kill My Baby Tonight'
Mozes and the Firstborn – 'Tired Asphalt'
Nots – 'In Glass'
Romano Nervoso – 'I'd Rather Kill a Man Than an Animal'
Trapper Schoepp – 'The Scat'
Slow Bear – 'Fucking Off'
ti.po.ta – 'Peki Peki Song'
White Mystery – 'Mars Death Pact'
Scott Yoder – 'Ways of Love'


Optredens (chronologisch)

Death Valley Girls, Antwerp Music City (Antwerpen), 31.01
Fred and Toody, Het Bos (Antwerpen), 12.02
Cherry Glazerr, Trix (Antwerpen), 22.02
Steal Shit Do Drugs, Water Moulin (Doornik), 24.02
Mozes and the Firstborn, RocKing (Eindhoven), 26.04
The Coathangers, Psych over 9000 (Gent), 24.05
Nots, Beursschouwburg (Brussel), 09.06
Bleached, La Zone (Luik), 26.06
Slow Bear, Trefpunt (Gent), 03.07
Boytoy, Le Risquons-tout en goguette (Moeskroen), 12.07
Chastity Belt, Botanique (Brussel), 15.09
Together Pangea, Het Bos (Antwerpen), 18.11
Protomartyr & Heimat, Botanique (Brussel), 21.11


Vooruitzichten

Nieuw materiaal van Feels, Le Butcherettes, Slow Bear, Mozes and the Firstborn, La Luz en Romano Nervoso, hopelijk gepaard gaand met optredens. Trapper Schoepp heeft alvast aangekondigd in april naar Europa te komen.


dinsdag 19 december 2017

Matthew Melton – 'Night Life': woelig jaar met vier platen

Het minste dat je kan stellen is dat 2017 voor Matthew Melton woelig is verlopen. Dat hij vanuit Texas naar Nederland verhuisde had misschien nog het minst impact. Uit onvrede met het voor hen qua gedachtengoed verstikkende muzikantenmilieu lieten Melton en vooral zijn Bosnische eega Doris in een Frans online magazine immers een aantal erg aangebrande opinies optekenen. Als gevolg daarvan liet label Castle Face Records hun gloednieuwe band Dream Machine vallen als een baksteen, zij het slechts nadat er veel misbaar werd gemaakt op de sociale media toen het label zelf ter promo een link postte naar het desbetreffende interview.


Een zeldzame, voorzichtig relativerende stem kwam van de Warm Soda-drummer die erbij was toen de Meltons elkaar op toer ontmoetten, en die qua ideologie absoluut een tegenpool van het echtpaar is. Hij merkte kort op dat het koppel op hem eerder een weirde dan kwaadaardige indruk maakte. Sindsdien lijkt het er wél op dat de Meltons – ogenschijnlijk in een poging een nieuwe afzetmarkt te vinden voor hun platen – zich voor de conservatieve politieke kar laten spannen die in hen een ideale stok ziet om “cultureel links” mee te slaan. Hoe bedenkelijk dit allemaal mag klinken, toch kan je er niet naast kijken dat Matthew Melton dit jaar misschien wel een creatieve piek bereikte.

Op twaalf maanden tijd bracht hij immers maar liefst vier volwaardige lp's op de markt waar stuk voor stuk kwalitatief niets op aan te merken valt. Eerst en vooral plaatste hij in toen nog onverdachte tijden met 'I Don't Wanna Grow Up' een logisch slotakkoord achter Warm Soda. Vlak voor de bom losbarstte lag het seventies-geïnspireerde debuut van Dream Machine kortstondig (voor het teruggetrokken werd) in de rekken. Later releasete Melton op zijn eigen label Fuzz City Records nog achtereenvolgens een solo-plaat en een tweede Dream Machine langspeler.

Over 'Night Life dan. Die klinkt om te beginnen niet meer solo dan de gemiddelde Warm Soda-release. En ook al zorgt Doris voor ondersteunende en sfeervolle toetsen, is het, in tegenstelling tot Dream Machine, geen duo-project. Wel zorgt dit ervoor dat de kloof tussen de jaren 50 en 60-powerpop en de jaren 70-psychrock gedicht wordt. Tevens loeren, middels vaak mechanisch klinkende, snedige drumpartijen en een overdaad aan galm, de jaren 80 geregeld om de hoek.

Binnen de gekende invariabelen zoals daar zijn dansbare grooves, catchy zanglijnen, een onmiskenbare retro-feel, de wat ingehouden manier van zingen en de gebalde, sprankelende frisheid, weet Melton eens te meer gevarieerd en origineel voor de dag te komen. Luister bijvoorbeeld maar eens naar de backingharmonieën van 'Right There Waiting' die weliswaar vertrouwd maar geenszins gerecycleerd in de oren klinken.

Het broeierige 'Hot Night', het aan een Tom Petty-riff opgehangen 'When It All Comes Down' en de jambanderige psych-instrumental 'Night Walk' geven de diversiteit aan in de uitkomst van deze aanpak. Tenslotte valt nog op te merken dat lyrics als “It's right there waiting in the night, in a world that's leaving me behind” en titels als 'Standing in the Dark' beduiden dat de voorbije gebeurtenissen sowieso hun weg naar de thematiek vonden.

Matthew Melton komt over als een eenzaat – die ondertussen weliswaar een lotsbestemmelinge vond – die zich absoluut niet op zijn plaats voelt in de hedendaagse maatschappij en daarom op een nogal ongelukkig uitgedraaide manier zijn heil zoekt in een geïdealiseerd verleden. Dit neemt echter niet weg dat de man een erg getalenteerde muzikant en songschrijver blijft, een gegeven dat hij anno 2017 tot vier maal toe tenvolle bewees.

https://www.facebook.com/Over-from-underground-1466055173714208/



donderdag 7 december 2017

The Hindu Needle Trick – 'Animal Life': prima plaat

Op hun derde plaat (na een debuut-ep en een lp) gaat The Hindu Needle Trick verder op de eerder ingeslagen weg, en het viertal uit Mechelen lijkt almaar beter te worden in wat ze doen. 'Animal Life' brengt eens te meer een catchy combinatie van alternatieve gitaarrock met een summiere bloemlezing uit de mainstream poprockgeschiedenis van pakweg de jaren 70 tot en met de jaren 90. Op die manier hoor je zowel invloeden uit chanson als uit hard-, country- en bluesrock; maar evengoed bevat afsluiter 'Mount Vesuvius' een break die herinneringen oproept aan Rage Against The Machine. Dit neemt daarenboven niet weg dat opener 'Human Time Machine' teert op een stonerriff waar een moderne band als Royal Blood heden ten dage ook nog mee zou kunnen uitpakken.


In een goed gestoffeerde, erg radiovriendelijke productie die geregeld een gitaarsolo laat knetteren en heel wat backingkoortjes aanstekelijk laat harmoniëren, komt de uiterst meezingbare, gebalde, funky single 'I Used to Be a Plastic Bottle' aldus heel natuurlijk op de dezelfde schijf als de langzaam naar een wijdse climax opbouwende, verhalende titelsong te staan. De verscheiden van zijn stem gebruik makende en zijn lyriek dramatisch brengende frontman Roel Spoelders bedient zich vaak van een idioom dat zich aan het genre in kwestie aanpast. Zo spreekt de titel van de opzwepende cowboyrocker 'Prizefighter Blues' voor zich en voelde de tekstschrijver zich in de donkere, bluesy sleper 'Method to My Madness' “Down and out”.

Door constant herkenbare elementen in het geheel te vervlechten en dit af te werken met instant toegankelijke zanglijnen komt 'Animal Life' uitermate goed in het oor te liggen. Binnen de afgebakende grenzen komt The Hindu Needle Trick zowel qua tempo als qua stijl erg gevarieerd voor de dag. Alles bij elkaar genomen kan je dus spreken van een prima eindejaarsplaat.

Voor de locatie van The Hindu Needdle Tricks releaseconcert op 16 december houd je best de bands website in de gaten. Begin volgend jaar kan je hen ook nog live aan het werk zien in onder meer Herselt (Café Pallieter, 19.01).